Het Parool 21 juni 2008

Spinoza weer 's herontdekt

door Henk Schutten 

In Amsterdam herinnert vrijwel niets meer aan Nederlands grootste filosoof, Spinoza (1632-1677). De Bibliotheca Philosophica Hermetica eert hem in het kader van 'Amsterdam Wereldboekenstad' met een themadag.

Wilde filosoof dode vader tot leven wekken?

Hield Spinoza. die zich als filosoof fel verzette tegen elke vorm van bijgeloof en abracadabra, zich op jonge leeftijd bezig met magische praktijken? Volgens een door alle deskundigen tot dusver over het hoofd geziene anekdote in de volgende week te verschijnen bundel over de filosoof, mag het niet worden uitgesloten.

Het verhaal is afkomstig van de Duitse natuurkundige Johann Christoph Sturm, die Spinoza in 1661 verschillende malen had ontmoet. Volgens Sturm bezat de vader van Spinoza een kabbalistisch manuscript dat vol stond met magische bezweringen, waaronder een instructie hoe doden weer tot leven kunnen worden gewekt. Kort na het overlijden van zijn vader zou Spinoza met behulp van het boek tevergeefs hebben geprobeerd het experiment uit te voeren, waarna hij diep teleurgesteld vervolgens het Jodendom de rug toekeerde.

Een bijzonder interessant nieuw gegeven, zegt Cis van Heertum, samensteller van de tentoonstelling over Spinoza die vanaf volgende week zaterdag in de Bibliotheca Philosophica Hermetica is te bezichtigen. "Sensationeel is het wel, zeker voor Spinozakenners. Dat Spinoza en de Duitse hoogleraar elkaar ontmoet hebben, staat vast. Maar Spinoza werd als vrijdenker vaker zwartgemaakt. En hem beschuldigen van dergelijke necromantische (voorspellen van de toekomst, red.) praktijken is natuurlijk een suprème vorm van verdachtmaking."

Spinoza geldt als de belangrijkste Nederlandse filosoof. Hij werd in 1632 geboren op het eiland Vlooienburg in de Amsterdamse Jodenbuurt, waar zich nu de Stopera bevindt. Zijn denkbeelden waren voor zijn tijd uiterst gewaagd. Op zijn zeventiende werd hij zelfs uit de Joodse gemeenschap verbannen, hoewel de precieze reden daarvoor nooit helemaal vast is komen te staan. "Volgens Odette Vlessing van het Stadsarchief Amsterdam had het te maken met financiële problemen," zegt Cis van Heertum. "Zijn vader had grote schulden toen hij stierf en volgens de Joodse regelgeving moest Spinoza als meerderjarige erfgenaam die schulden op zich nemen. Via de Amsterdamse rechter zou hij daar vervolgens onderuit hebben proberen te komen, omdat hij volgens de Nederlandse wet minderjarig was."

Meer aannemelijk lijkt het dat Spinoza vanwege zijn omstreden ideeën uit de Joodse gemeenschap werd gezet. Dat valt volgens Spinoza's biograaf Steven Nadler onder meer op te maken uit de letterlijke tekst van de Herem, de banbrief die nu bewaard wordt in het Stadsarchief. "Die bewoordingen zijn zo scherp gesteld dat daar meer achter moet zitten dan een puur financieel conflict. Het was ook niet niks, wat hem overkwam. Hij werd van het ene op het andere moment uitgestoten. Iedereen moest op minstens vier meter afstand van hem blijven, en zelfs zijn eigen familie mocht niet meer met hem omgaan."

Toen duidelijk werd dat Spinoza één van de 'iconen' zou worden van de Amsterdam Wereldboekenstad-manifestatie 2008, wilde de Bibliotheca Hermetica Philosophica daar graag een bijdrage aan leveren. "Onze bibliotheek telt veel werken van tegendraadse schrijvers en filosofen," zegt Van Heertum; "Ook met betrekking tot Spinoza nebben we een aanzienlijke collectie."

Om de zoveel tijd wordt Spinoza herontdekt. Niet lang na zijn dood werd er al een biografie over hem gepubliceerd, in de negentiende eeuw kreeg hij een standbeeld in Den Haag, en in de jaren zestig van de vorige eeuw werd hij door Franse marxisten materialistisch geïnterpreteerd. Enkele jaren geleden nog werd Spinoza door de vermaarde Britse Princetonhistoricus Jonathan Israel tot spilfiguur van de Radicale Verlichting bestempeld.

Ook in eigen land telt de filosoof nog steeds een vaste schare bewonderaars. De Vereniging Het Spinozahuis, waarmee bij de samenstelling van de tentoonstelling nauw werd samengewerkt, telt momenteel 1300 leden. Sinds kort heeft ook Amsterdam zijn eigen Spinozakring, die ijvert voor een Spinozamonument, het liefst in de buurt van het Waterlooplein. Dat zou een mooi gebaar zijn van Amsterdam, denkt Van Heertum, want vrijwel niets in de stad herinnert nog aan de filosoof: "En zijn boodschap is nog steeds zeer actueel, die zou best wat breder onder de aandacht gebracht mogen worden."

Amsterdam telde in 1670 167 ketterse gezindten

‘Stad toonbeeld van relatieve tolerantie'

Amsterdam stond in de tijd van Spinoza bekend als een stad van grote verdraagzaamheid, maar was die reputatie terecht? Spinoza vond van wel. In 1670 schreef hij: 'In deze bloeiende staat en voortreffelijke stad immers leven alle mogelijke mensen van iedere natie en geloofsrichting met de grootste eendracht samen.'

Dat de hoofdstad een smeltkroes was van de meest uiteenlopende religieuze gezindten, is onomstreden. Een Brit die destijds een bezoek bracht aan Amsterdam, telde in totaal niet minder dan 167 'ketterse' gezindten. Maar het is allerminst zo dat de bestuurders de stadspoorten wijd open zetten voor iedereen die om zijn afwijkende overtuiging elders vervolgd dreigde te worden. De uit hun eigen land verdreven Portugese Joden, waartoe ook de ouders en grootouders van Spinoza behoorden, die zich vestigden in Mokum - naar het Hebreeuwse maqom, oftewel plaats - mochten aanvankelijk niet in het openbaar hun geloof belijden. De drukkers die de werken van religieuze nieuwlichters of tegendraadse filosofen als Spinoza durfden te verspreiden, deden dat veelal onder een schuilnaam.

Van Spinoza zelf werd tijdens zijn leven slechts één boek onder zijn eigen naam uitgegeven. "Amsterdam was een toonbeeld van relatieve tolerantie," zegt Cis van Heertum, "maar er bestond wel degelijk repressieve censuur. Hier mocht van alles, zolang het maar niet in het openbaar gebeurde."

Dat Spinoza niet vanwege zijn denkbeelden werd gearresteerd, net zoals bijvoorbeeld zijn Amsterdamse vriend en geestverwant Adriaen Koerbagh, die zelfs in de cel zou sterven, was omdat elke vorm van fanatisme hem vreemd was, zegt Van Heertum. "Koerbagh ging echt tekeer. Spinoza was veel minder militant. Tolerantie, respect voor andersdenkenden, stond bij hem voorop. Waar hij zich tegen verzette, was de invloed van religieuze gezagsdragers. Hij was een vurig pleitbezorger van de scheiding tussen kerk en staat. Dat maakt zijn gedachtegoed ook zo actueel."

De Spinozadag wordt gehouden op 27 juni in de Westerkerk. Die dag is ook de opening van de tentoonstelling in de Bibliotheca Philosophica Hermetica (tel: 020 - 6258079), en krijgt burgemeester Job Cohen het eerste exemplaar van de bundel Libertas philosophandi - Spinoza als gids voor een vrije wereld aangeboden.

© Het Parool 2008, op dit artikel rust copyrigt.